De eerste mosselaars te Bruinisse
Men wist voor de stichting van Bruinisse al van de goede eigenschappen van de mosselen. Er zullen dan ook spoedig na de stichting van het dorp inwoners geweest zijn, die hun geluk op het water gingen beproeven. De slikken van Bruinisse en de slikken van het tegenover liggende Flakkee waren en zijn nog steeds uitstekend geschikt voor het kweken van mosselen. Op de wilde banken, waar men ze vroeger met de rijf ging vangen, hebben ze welig getierd, Niet voor niets heet een gedeelte van de Grevelingen “Mosselbank”.
Het staat vast dat de families Jumelet, De Waal, Van den Berg en anderen uit Bruinisse reeds vroeg hun fortuin in de mosselen hebben gezocht en soms gevonden. Het waren families die uit Frankrijk afkomstig waren en gevlucht waren voor Lodewijk XIV. Zij werden vervolgd om hun protestantse godsdienst. Zij kwamen in eerste instantie te Zierikzee aan. De eerste Jumeletten liggen daar in de kerk begraven. Ze zakten weldra af naar Bruinisse. Een en ander is te vinden in een boekje dat in het laatst van de vorige eeuw werd geschreven door een zekere van der Baan.
Bron: Bruinisse in de loop der eeuwen 1467 - 1984, S.A. Jumelet.
Adriaan Jumelet
is op vrijdag 2 december 1932 getrouwd met Louwrina van den Berghe, oftewel Arjaan en Rina. Adriaan is geboren te Bruinisse op 15 december 1908, zoon van Leendert Jumelet en Anna Okkerse. Adriaan wordt dan ook A. Jumelet Lzn genoemd.
Adriaan is jarenlang werkzaam geweest voor het Produktschap Vis en Visproducten en is zijn loopbaan als mosselkwekersknecht begonnen bij de firma D. van den Berg en Zoon. Op de Bru 6 heeft hij zijn eerste werkervaring opgedaan. Al redelijk snel heeft hij op een functie van “mosselagent” gesolliciteerd.
Als mosselagent heeft Adriaan standplaatsen te Philipine, Tholen en Bruinisse gehad. Hij heeft o.a. gewoond in de Weststraat A 147b te Philippine; Brugstraat 32, Verlandestraat 12 en Vossemeersepoort 10 te Tholen en uiteindelijk de Schoolstraat 10, Oesterstraat 15, Oudestraat 16 en Dr. de Kockstraat 13 te Bruinisse.
Hiernaast staat een afbeelding van zijn legitimatiebewijs bij de stichting “Centraal Verkoopkantoor van Mosselen” te Bergen op Zoom.
Adriaan is 38 jaar in dienst geweest van het productschap. Tijdens zijn afscheid zijn er een aantal speeches gehouden. De voorzitter de heer D. de Jonge wees er nog op, dat het overschakelen van de plaats in het bedrijfsleven, met zijn drukke werkzaamheden, naar het rustige leven van de “pensioentrekker” soms minder gewenste gevolgen heeft. Overigens had ook hij veel lovende woorden voor zijn scheidend ambtenaar.
Op vrijdag 14-12-1973 was de afscheidsreceptie in verband met het bereiken van de 65 jarige leeftijd. Uiteindelijk heeft Adriaan zijn laatste dagen gesleten in bejaardenhuis “t Opper” te Bruinisse. Op 20 februari 1998 is Adriaan overleden. 2 maanden later op 18 april 1998 is Rina ook overleden. Zie ook Mosselaars
Onderduiken i.v.m. Arbeidseinsatz
Onderduiken kwam in de tweede wereldoorlog regelmatig voor en men moest zich voor langere tijd verbergen voor de bezetters. Ook grote aantallen Nederlandse mannen waren ondergedoken om onder de "Arbeidseinsatz" uit te komen. Zo ook Jan Bogers uit Rucphen.
Nog geen 20 jaar werd hij opgepakt in Rucphen om deel te nemen aan de Arbeidseinsatz in het Ruhrgebied in Duitsland. De Duitse industrie draaide op volle kracht, alleen waren vrijwel alle Duitse mannen aan het front. Arbeidskrachten uit de bezette landen moesten de gaten opvullen om voor de productie in de fabrieken te zorgen. Overigens was dit niet zonder gevaar, daar de fabrieken in het Ruhrgebied regelmatig werden gebombardeerd door de geallieerden.
Het eerste deel van de reis ging naar St. Michielsgestel, alwaar een kamp was ingericht. Daar werden de jonge mannen samengebracht alvorens het transport verder ging richting Duitsland. Daar werden natuurlijk ook de verhalen en ervaringen uitgewisseld. Tijdens het daarop volgend transport met de trein had een groep uit West-Brabant besloten uit de trein te springen. Dat gebeurde vanuit een rijdende trein ergens in Noord Limburg. Op zich al een gevaarlijke onderneming, maar de sprong naar de vrijheid was ook nog eens in donker. Ook Jan Bogers sprong uit de trein en raakte geblesseerd. Hij heeft daar altijd last van gehouden. De groep keerde al lopend weer terug naar West-Brabant. Natuurlijk was bij de bezetter bekend waar de mannen vandaan kwamen, dus konden ze hier niet lang blijven. De oplossing was om onder te duiken.
Via via kwam Jan Bogers als knecht terecht bij een familie Bogers in de Wieringermeer. Op de fiets vanuit Rucphen naar de Wieringermeer. Deze familie Bogers, oorspronkelijk ook afkomstig uit West-Brabant bood onderdak. Door als knecht op het land te werken kon hij uit handen blijven van de bezetters. S’nachts slapend in de schuur en overdag werkend op het land, heeft hij daar een aantal maanden ondergedoken gezeten. In 1944 keerde hij weer terug naar Rucphen.
Een echte klederdracht heeft (West) Brabant nooit gekend. Eind negentiende en begin twintigste eeuw zie je op foto’s uit West-Brabant de Brabantse muts. Vooral de vrouwen, vaak boerinnen, uit Wouw en Rucphen dragen deze muts.
Op bijgaande foto draagt Elisabeth van Aart uit Wouw een dergelijke muts.
In het grensgebied wordt vaak een eenvoudige muts gedragen gebaseerd op een muts uit Belgie. Vooral in de plaatsen Rijsbergen, Zundert en Achtmaal draagt men deze muts. Tijdens ons onderzoek zijn een aantal foto’s van boerinnen uit Wouw en Rucphen met de West-Brabantse muts opgenomen. De andere twee foto’s op deze pagina zijn afkomstig uit Rucphen.